11 november is een nationale feestdag in Frankrijk. Op deze dag gedenkt men het einde van de Eerste wereldoorlog. De wapenstilstand tussen Duitsland, Frankrijk en Engeland ging in op 11 november 1918 om 11:00 uur, en werd getekend in het bos van Compiègne. Later werden op deze dodenherdenking ook de slachtoffers van de tweede wereldoorlog herdacht.

Wij werden ons maar langzaam bewust van het belang van deze dag. Dat komt waarschijnlijk omdat Nederland neutraal was in die tijd en wij vooral de periode ’40-’45 herdenken. Maar de eerste wereldoorlog speelt nog steeds een grote rol in het nationaal bewustzijn van de Fransen. Ze noemen het de ‘La Grande Guerre’. Dat is ook geen wonder als je bedenkt dat er in Frankrijk in deze oorlog zo’n slordige 6 miljoen slachtoffers vielen. In het kleinste dorpje vind je dan ook het ‘Monument aux Morts’ waarop de namen van de gesneuvelden uit het dorp staan. Op 11 november zijn deze monumenten versierd met bleu-blanc-rouge linten en bloemen.

Vandaag waren wij al vroeg wakker om te oefenen op de Marseillaise waarna wij in gepaste kledij naar het monument wandelden. Gewoonlijk start men om half elf met de ceremonie, maar alles liep anders en uiteindelijk begon het allemaal om 12:00 uur. Een groepje dorpelingen, Frans- en Engelstalig, schuifelde in het schrale herfstzonnetje wat schuchter richting monument. Vier fiere vaandeldragers stonden voor het monument, één van hen met de Britse vlag om de dorpse verbroedering te bezegelen. Dit tegen de achtergrond van de stadswal en het kasteel waar Engelsen en Fransen elkaar gedurende de honderdjarige oorlog met hand en tand bevochten. Een mooi drieluik van momenten uit de geschiedenis.

Onze olijke burgemeester deed de aftrap met een serieuze toespraak. Hij had een keurig colbert aangetrokken en stond er plechtig bij. Daarna kreeg een scholier het woord. Vervolgens werd een minuut stilte gehouden, iets wat de burgemeester het jaar daarvoor was vergeten. De vaandeldragers lopen statig een paar stappen naar voren en buigen driemaal voor het monument. Voor de buitenlandse medebroeders werd eerst het Engelse volkslied aangeheven. ‘God save our gracious Queen’ werd uit volle borst gezongen. Daarna de heldhaftige Marseillaise.

Inmiddels hing de Engelse vaandeldrager gebogen voorover omdat hij de vaandelstok van een oude parasolstok had gemaakt en het gewicht hem parten ging spelen. Hij was dan ook opgelucht toen hij de vlag op kon rollen om een ‘verre d’amitié’ te gaan drinken in de Salle de Fête van de Mairie. De dorpelingen staan daar keuvelend aan de champagne, nieuwe baby’s worden bewonderd, kwaaltjes worden uitgebreid besproken en er wordt van de gelegenheid gebruik gemaakt om elkaar uit te nodigen voor kerstdiners en Nieuwjaars borrels.

Eenmaal in de stemming toog men naar het dorpsrestaurant waar de karaffen wijn al klaar stonden en een “drie-gangen-menu” wordt geserveerd. Je begrijpt het al, het ging een vrolijke boel worden. Naast mij zat een stokdove Franse boer. Hij vertrouwde het allemaal niet, want wat je niet hoort kun je niet weten. Toen een keurige Engels dame zichzelf wilde voorstellen wuifde hij dan ook afwerend met zijn handen en dook snel weer in zijn bord met soep. De lady was geschokt, maar toen zij ontdekte dat hij overal afwerend op reageerde, behalve op eten, werd er gewoon weer een glas wijn op gedronken.
De tafeltjes stonden dicht op elkaar. Lekker warm zal ik maar zeggen. De hond van mijn overbuurman kwam daardoor wel wat in het gedrang en sprong onder tafel angstig in mijn lange, wijde rok om daar geheel in paniek een circus op te bouwen.
Met blozende wangen en een agenda vol afspraken liepen wij weer de heuvel af naar ons heerlijke huis waar we nog lang glimlachend bij de haard hebben gezeten.

Comments are closed.